Verhalen uit een winkelstraat

03-06-2019 Uit Advertentie

Chr. Breur, Hoogstraat, 1950. Collectie Gemeentearchief Schiedam / Foto op startpagina: Trapauto (Renault), gekocht in de Hoogstraat in Schiedam; foto: Jan Schrijver


SCHIEDAM -  De Hoogstraat is een straat vol verhalen, van kabouter tot kinderwagen, van paard tot koekje. Het is een van de oudste wegen van Schiedam, een winkelstraat, een woonstraat. En bijna precies in het midden ligt het Stedelijk Museum Schiedam. De straat staat symbool voor veel winkelstraten in Nederland waar schaarste en overvloed, trends en tradities hun sporen nalieten.

Deze zomer zet het Stedelijk Museum Schiedam de straat in de spotlights met de tentoonstelling 'In de Hoogstraat'. Verhalen uit een winkelstraat. Bijzonder is dat het publiek de tentoonstelling zelf kan aanvullen met foto’s en andere spullen die aan de Hoogstraat herinneren. Speciaal voor deze tentoonstelling maakte kunstenaar Erik Mattijssen een wandvullende installatie van 7,5 bij drie meter. Bijna alles wat hij tekende, komt van de Hoogstraat, van drankfles tot dildo.

Paard

In de tentoonstelling ontmoet je bewoners en ondernemers van nu en vroeger. De straat is een plek van protesten, parades en feesten. Je ging met je liefje naar de Monopole, de voormalige bioscoop tegenover het museum. Nu neem je hem of haar natuurlijk mee naar het museum om kunst te kijken.
Boodschappen kwamen tot de jaren vijftig gewoon bij je thuis, met de handkar, hondenkar of bezorgfiets. Voor groter werk sjokte het paard van Van Gend & Loos door de straat. Het dier stapte binnen bij de bakkerij, waar hij altijd een koekje kreeg. In dat pand koop je al lang geen taartjes meer. Het is nu het kantoor van museumdirecteur Deirdre Carasso. Je kunt op haar raam kloppen voor een praatje.

Collage

Kunstenaar Erik Mattijssen (1957) die op de bovenste verdieping van het museum zijn werk van de afgelopen kwart eeuw laat zien, was altijd geïntrigeerd door de Hoogstraat, zegt hij. Hij maakte in opdracht van het museum een wandvullend werk. "Het is een collage van alles wat de straat voor mij vertegenwoordigt. Het is een keuze, er is nog veel meer, maar ik wilde in ieder geval dat er veel op te beleven zou zijn. Dat je er lang naar kunt kijken en het kan herkennen." Bijna alles wat hij afbeeldt komt uit de straat. Hij belde hier en daar aan, voerde gesprekken en hoorde veerkracht, iets vitaals en het idee dat het wel goed gaat komen.

Winkels

Zorgen zijn er ook, al gaat er bijna elke maand wel een winkel open. Dit jaar kwam er onder andere een plek om te brunchen bij, een winkel voor bier en lp’s, en een kapsalon. Op de tentoonstelling kun je zien dat mensen al eeuwenlang van buiten de stad naar de Hoogstraat komen om een winkel te openen. In de negentiende eeuw begon Fries Romke Brinkman een rijwielhandel, Duitse migranten waren kleermaker, bakker of stucadoor.

Vrouwen

Een ondernemersgeest was niet aan mannen voorbehouden. ‘Juffrouwen’ hadden een hoedenatelier aan huis of begonnen een winkel samen met hun zus. Getrouwde vrouwen stonden achter de toonbank terwijl hun man het brood bakte of de vis fileerde. Weduwen hielden de zaak draaiende, soms totdat de oudste zoon het over kon nemen. En nog altijd zijn vrouwen de drijvende kracht, ook bij het museum.

Trapauto

Na een oproep in de lokale media kwam het museum in contact met (oud-) Schiedammers die met hun verhalen en voorwerpen de tentoonstelling completer maakten. Zij deelden foto’s uit privé-albums, maar ook spullen, gekocht in gezichtsbepalende winkels als kinderwinkel De Ooijevaar. Te zien is een trapauto, een mintgroene Renault. De particulier die het uitleent voor de tentoonstelling herinnert zich de markante eigenaar van De Ooijevaar. "Hij reed altijd over de Hoogstraat in een cabrio sportwagen, zo een met achterop een rekje voor een koffer."

Pijpje

Het oudste voorwerp op de tentoonstelling is een achttiende eeuws snijraam. Het versierde bovenlicht zat ooit boven de deur van Koffie-, thee- en tabaksmagazijn ’t Roode Anker. Bijna een eeuw lang, vanaf 1775, kon je daar een pijpje stoppen. Ook zijn de letters van Rosa Bloemsierkunst te zien, die eerder dit jaar aan de museumcollectie werden toegevoegd. Rosa Bloemsierkunst was generaties lang een begrip in de Hoogstraat. In 1914 werd het bedrijf opgericht door Hendrikus Rietkerken. Bij het honderdjarig bestaan kreeg de winkel het predicaat hofleverancier. De derde generatie in het bedrijf, sloot de winkel eind 2018.

Doe mee

Heeft u spullen van de Hoogstraat met dierbare herinneringen die u wil laten zien? Mail voor een afspraak met stadsconservator Merel van der Vaart, E: merel@stedelijkmuseumschiedam.nl of bel T: 010 - 246 3666.

Met dank aan de gemeente Schiedam, Fonds Schiedam Vlaardingen, De Groot Fonds, Stichting Opbouw Schiedam, SDAM.

In de Hoogstraat | 29 juni t/m 6 oktober




Gerelateerd