Twee oud-wethouders uit zelfde periode overleden

13-03-2021 Nieuws Kor Kegel en Ted Konings

De kandidaat-raadsleden van de PvdA poseren in mei 1974 voor het bordes van het stadhuis. Staand midden in beeld Clara Stroman; foto: Beeldbank Schiedam


SCHIEDAM – Ze waren allebei kortstondig wethouder in de jaren zeventig: Clara Stroman voor de PvdA en Bert Kaptein voor D66. Beiden zouden ook lang na hun wethouderschap nog van zich doen spreken, zij het in heel verschillende functies.

Ze zijn overleden, Kaptein op dinsdag 2 maart; de begrafenis heeft inmiddels in besloten kring plaatsgevonden op de Beukenhof. De afscheidsplechtigheid van Stroman moet nog plaatsvinden; dat zal aanstaande dinsdag bij crematorium Hofwijk in Overschie zijn om half drie. Aansluitend is er gelegenheid tot condoleren, maar vanwege de coronamaatregelen is aanmelding vooraf wenselijk.

Clara Stroman en Bert Kaptein hebben als wethouder beiden te maken gehad met een PvdA die in Schiedam veruit de grootste politieke partij was, met liefst zestien van de vijfendertig zetels in de gemeenteraad vertegenwoordigd, maar met intern veel strubbelingen omdat de ‘jonge doctorandussen’ een linksere koers wilden voeren dan de oude garde. De term ‘jonge doctorandussen’ kwam uit de mond van toenmalig raadslid Tiny Krikke-Hein, een paar jaar nadat ze in 1974 de gemeenteraad verlaten had en het interne gekrakeel op afdelingsvergaderingen van de PvdA verschrikkelijk vond.

Bert Kaptein

Bert Kaptein (zie foto hieronder), geboren op 13 september 1940 in Kralingen, ging als jonge onderwijzer met zijn vrouw naar Schiedam voor werk. Al snel werd hij gerekruteerd voor – toen nog – D’66, door het latere raadslid Vincent Broeke.

Kaptein werd raadslid voor de partij uit 1966 in 1970 en bleef dat tot 1974. De tweede helft van die periode was hij tevens wethouder. Kort na zijn aantreden haalde hij het Stadsblad met een groot artikel met foto: ‘Wethouder Kaptein blijft op de fiets’. Dat de langharige, jonge wethouder geen mijnheer was in een dienstauto, was toen groot nieuws. Voor de foto op de fiets werd vanwege het weer geposeerd binnen in Berts huisje in de Gorzen.

Wat later als wethouder viel hij op in een conflict van de gemeente met een woonwagenkamp. Gewoonlijk ging de gemeente dan langs met heel veel politie; Kaptein ging naar het kamp om met die mensen te praten.

In die tijd waren wethouders tegelijk lid van de gemeenteraad. Hij was halverwege die raadsperiode de opvolger van VVD-wethouder Jaap Houtman, die met het progressief getinte gemeentebestuur in aanvaring was gekomen. Een wethouder van de Protestants-Christelijke Groepering (PCG) had voor de hand gelegen, maar deze lokale combinatie van de Anti-Revolutionaire Partij (ARP) en de Christelijk-Historische Unie (CHU) overspeelde haar hand door te hoge eisen te stellen. D66 was constructiever in de ogen van de PvdA. In 1974 stapte D66-raadslid Aad Wiegman over naar de PvdA.

Kaptein is altijd actief geweest voor allerlei Schiedamse organisaties zoals de Patiënten Belangen Vereniging, de Historische Vereniging en de Nederlands Hervormde Gemeente Schiedam. In de jaren tachtig verloor hij door bezuinigingen zijn baan als docent pedagogiek op een Pabo. Hij kreeg zodoende meer tijd voor vrijwilligerswerk en de politiek. Hij was geen lid meer van D66 omdat daar na een van de verkiezingsnederlagen iedereen was geroyeerd die niet in één keer de contributie betaalde, wat de partij toen veel leden kostte. Kaptein werd daarom lokaal actief voor een andere partij, het CDA, in 1980 ontstaan uit een fusie van de ARP, de CHU en de Katholieke Volkspartij (KVP). Hij zat van 1990 tot 2002 voor het CDA in de Schiedamse gemeenteraad als raadslid en fractievoorzitter. Kaptein is overigens nooit lid van het CDA geworden; dit vanwege meningsverschillen met de landelijke partij - hij was bijvoorbeeld atoompacifist en het CDA was voor kernwapens.

Kaptein is tachtig jaar geworden. Zijn vrouw Kateline Kaptein-Roest, velen in Schiedam bekend als hun juf op de basisschool en bekend van haar vele vrijwilligerswerk, stierf in 2019 na een huwelijk van 52 jaar.

Clara Stroman

Clara Leijte-Stroman overleed op 83-jarige leeftijd. Zij was als wethouder bekend onder de naam Clara Visbeen-Stroman. Het was nog nooit vertoond en het zou daarna ook nooit meer gebeuren dat de burgemeester van Schiedam een persconferentie gaf waar hij de echtscheiding van een wethouder bekendmaakte. Die burgemeester was Arie Lems en hij vertelde in 1976 dat de onderwijs- en cultuurwethouder voortaan mevrouw Stroman zou worden genoemd. Geen journalist die zich afvroeg waarom over zoiets als een echtscheiding een persconferentie moest worden gehouden. In Schiedam stond de vrouwenemancipatie in de kinderschoenen. Echtscheidingen tussen publieke figuren waren taboe. Lems trachtte dat taboe te doorbreken.

In het historisch overzicht van raadsleden en oud-raadsleden van het Schiedamse gemeentearchief staat ten onrechte niet vermeld dat Clara Stroman ook zonder Visbeen in de gemeenteraad zat, namelijk van 1976 tot 1977.

Clara Stroman, geboren in Rotterdam op dinsdag 15 juni 1937, kwam op latere leeftijd in Den Haag en Rijswijk te wonen en verhuisde in 1970 naar Schiedam omdat haar toenmalige echtgenoot een baan in de Rijnmond kreeg. Ze was in Rijswijk actief geweest in Man-Vrouw-Maatschappij (MVM) en had er te maken gehad met de oprichting van kindercentra, peutergroepen en overblijfgroepen. Toen ze in 1974 in de Schiedamse gemeenteraad kwam, was ze secretaris van de ouderraad van openbare basisschool Ouverture in Woudhoek. Ze zat ook in de Gemeenschappelijke Schoolraad. Hoewel het opmerkelijk was dat ze zonder enige politieke en raadservaring meteen wethouder werd, was het niet verwonderlijk dat ze de portefeuille onderwijs kreeg. Daar hing de portefeuille cultuur toentertijd een beetje aan, dus kreeg ze dat erbij.

Je moet het een beetje in de tijdgeest zien dat ze als cultuurwethouder in 1975 kritiek had op de organisatie van het 700-jarig bestaan van de stad Schiedam, omdat de Tros een programma aan het eeuwfeest zou wijden. Liever had ze de Vara of de Vpro naar Schiedam zien komen. Vandaag de dag omarmt een gemeentebestuurder elke omroep die iets aardigs over de stad laat zien, maar de ‘rechtse’ Tros viel bij de PvdA-wethouder niet in goede aarde.

In december 1975 stootte ze haar hoofd in de auto en kreeg ze ongemakken – het moet een hersenschudding zijn geweest – waardoor ze niet goed meer kon functioneren. In februari 1976 legde ze haar wethouderschap neer, maar ze bleef wel lid van de gemeenteraad. Ze mocht nog net meemaken dat er uit de verschillende wijken van Schiedam felle kritiek was op de centrale opzet van Jeugdland Schiedam. Dat vond plaats in sporthal Margriet. Dat was voor kinderen uit de oude wijken tamelijk ver – het openbaar vervoer was niet veel beter dan nu – en bovendien waren de club- en buurthuizen in de oude wijken noodgedwongen dicht, omdat de beroepskrachten verplicht ondersteuning aan Jeugdland in de Margriethal moesten geven. Die kritiek leidde overigens tot een meer decentrale opzet van Jeugdland, maar toen had Clara Stroman inmiddels ook de gemeenteraad verlaten.

Haar vertrek uit de raad was per zondag 1 mei 1977. Ze zou medewerkster worden van de afdeling revalidatie en maatschappelijk werk van het Gemeenteziekenhuis Schiedam, zoals de naam zegt een gemeentelijk ziekenhuis en dus werd ze ambtenaar en dat was onverenigbaar met het raadslidmaatschap.

Begin 1978 kwam ze in het dagelijks bestuur van de Schiedamse Gemeenschap. Dat was destijds de stichting die namens de gemeente Schiedam de subsidies verdeelde voor de amateuristische kunstbeoefening. Die db-functie werd haar misgund door de PvdA en toen kwam eigenlijk uit hoe de interne verhoudingen binnen de PvdA waren geweest ten tijde van haar wethouderschap. Als onervaren politica had ze onvoldoende steun gekregen. Eerder tegenwerking. In augustus 1978 zegde ze het lidmaatschap van de PvdA op. Ze beklaagde zich dat als je een partijgenoot op de koffie vroeg, er door fractieleden meteen al werd aangenomen dat je een tegenfractie vormde.

Ze werd adjunct-directeur van het Stedelijk Museum Schiedam en kreeg al meteen te maken met vitrines in het in de catacomben gevestigde Nationaal Gedistilleerd Museum die door hun hoeven zakten. Hans Paalman was museumdirecteur en er was geregeld een grimmige sfeer. Paalman stond onder druk van de politiek en had een stroeve verhouding met de vereniging Vrienden van het Stedelijk Museum. De relatie tussen Paalman en Stroman was ook niet al te best. Toch, toen cultuurwethouder Luub Hafkamp in 1988 besloot een tentoonstelling over de Franstalige schrijver Joris-Karl Huysmans te sluiten wegens onvolledige informatievoorziening, kwam Stroman impliciet voor Paalman op door te zeggen dat Hafkamp boter op zijn hoofd had omdat hij tevoren uitvoerig over de opzet van de expositie was geïnformeerd.

Daarna verdween Clara Stroman in de luwte. Ze had een innig huwelijk met Hans Leijte, die ze in de jaren zeventig leerde kennen toen hij voor Het Vrije Volk gedetacheerd werd op de redactie aan de Hoogstraat in Schiedam.

Bekijk de foto's



Gerelateerd