Maria Snoek streed voor betere positie van vrouwen in de kerk

16-08-2018 Nieuws Kor Kegel

Maria Snoek, vijf jaar geleden. Foto: Rob Siegerist

SCHIEDAM – Als we eens nagaan hoe belangrijk de positie van vrouwen in de kerk is, ongeacht de geloofsstroming, dan lijkt het vanzelfsprekend en alsof het nooit anders geweest is. Maar toen Maria Snoek in 1945, na de Tweede Wereldoorlog, het landschap van de gereformeerde kerk overzag, was ze allerminst onder de indruk. Ze vond de positie van de vrouw in de kerk veel te beperkt. Ze ging strijden voor een betere positionering – en dat een kwart eeuw vóór een bredere maatschappelijke emancipatiebeweging.  

Maria Snoek was onder de indruk geraakt van een prikkelende publicatie van Cornelia gravin van Limburg Stirum (1868-1944). De freule had in Arnhem een opleiding gestart, de Gereformeerde Opleiding voor Zending en Evangelisatie (GOZE). Postuum vond de freule in Maria een gedreven medestandster. Direct na de oorlog ging Maria met veel meisjes en jonge vrouwen naar deze opleiding. Er volgde een korte stageperiode in Oegstgeest, waar Maria als evangeliste haar werk deed, een functie die mede door GOZE mogelijk was geworden. 
Hetzelfde deed zij later in het Friese Ooststellingwerf, met name in het jeugdwerk. Zij regelde uitstapjes en leidde jongens-, meisjes- en vrouwenclubs. Ook stond ze aan het hoofd van twee zondagsscholen. Hier was ze zeer populair, zoals verderop in dit In Memoriam beschreven staat.  

Na zeven jaar Friesland volgden zeven jaren in Zaandam, waar Maria Snoek vergelijkbaar werk deed. Om verder te komen volgde ze een urgentiecursus aan de sociale academie De Nijenburg in Baarn. Ze behaalde het praktijkdiploma maatschappelijk werker. Ze solliciteerde naar een vacature in Schiedam en kwam op woensdag 1 januari 1964 in dienst van de Gereformeerde Vereniging voor Ziekenzorg en Maatschappelijk Werk. Ze is nooit meer uit Schiedam weggegaan. 
In de Mesdaglaan in West vond ze bescheiden woonruimte, waar ze ook haar cliëntèle ontving. Toen ze naar de negende verdieping van de Vijfsluizenflat verhuisde, hield ze de praktijkruimte aan de Mesdaglaan nog geruime tijd aan. In 1991 verhuisde ze nogmaals, maar een aangepaste woning in Groenoord. Met haar scootmobiel en rollator hoefde ze hier geen drempels over en er waren ook andere voorzieningen, waardoor ze ondanks twee voetprotheses zelfstandig kon blijven wonen. 
In Schiedam vond zij haar kerkelijk thuis eerst in de Oosterkerk aan de Rotterdamsedijk, later in de Julianakerk aan de BK-laan en tenslotte in de Magnalia Deikerk in Nieuwland. Maar als wijkbewoonster van Groenoord voelde zij zich het meest vertrouwd met De Ark, het kerkgebouw tegenover haar woning.  

In de gereformeerde kerk was Maria Snoek een begrip, ook nadat de gereformeerden in 2004 ‘opgingen’ in de Protestantse Kerk Nederland. Want ook nadat ze haar vrouwenemancipatie in de kerk had bereikt, bleef ze als gepensioneerde zeer actief. Ze kwam in aanraking met het Vluchtelingenwerk Schiedam, dat zich in eind jaren zeventig actief inzette voor vluchtelingen uit Chili. Ze werd ook actief in Amnesty International. Als tachtigplusser nam ze vijftien jaar geleden deel aan de maandelijkse wakes bij de twee detentieboten, die toen in de Merwehaven lagen; daar zaten uitgeprocedeerde asielzoekers opgesloten. Tijdens die wakes werd geprobeerd de bootbewoners een hart onder de riem te steken. Met een twinkeling in haar ogen herinnerde Maria Snoek zich dat de politie hen een keer sommeerde het terrein te verlaten. Daarop hieven de deelnemers het lied ‘We shall overcome’ aan. Het kon Maria tot op hoge leeftijd ontroeren.  

Ze is bijna honderd jaar oud geworden. Amper acht weken van de volle eeuw af. Ze overleed op dinsdag 7 augustus in Schiedam, waar ze 54 jaar gewoond heeft. Haar pelgrimstocht is volbracht, zegt de familie in de overlijdensadvertentie. Haar stoffelijk overschot is bijgezet in het familiegraf in Gorinchem. 
De Friese website Stellingwerf besteedt aandacht aan haar overlijden, omdat ze in het kerkje van Nijeberkoop van 1947 tot 1954 verbpnden was geweest en een diepe indruk had achtergelaten in de gemeente van ’t Fiene Hokkien. (In 2013 onthulde Maria Snoek er een informatiepaneel over het verdwenen kerkje.)  

Maria Snoek is in Gorcum geboren op maandag 30 september 1918; de Eerste Wereldoorlog liep ten einde. Haar vader had er met zijn broer een manufacturenwinkel. Toen Govert op 34-jarige leeftijd aan tyfus overleed, werd de zaak voortgezet in Renkum waar haar moeder de zaak met verve bestierde.

Zoals zo veel pubers begon ze twijfels te krijgen over het geloof. “Waarom laat God al die ellende in de wereld toe?” Waarop haar broertje haar met een simpele opmerking van haar twijfels afhielp: “Dat doet God niet, dat doen de mensen.” Maria ging op catechisatie en deed in 1940 samen met vijftien jongeren belijdenis van haar geloof. In 1942 kwam er een nieuwe dominee in Renkum. In deze oorlogsperiode gaf deze ds. Ben Smeenk (1908-2002) heldere antwoorden op bijvoorbeeld de vraag welke overheid nu precies gediend moest worden: de wettige! Sinds die tijd heeft Maria het geloof niet meer losgelaten – en andersom. 
Ze is nooit getrouwd geweest. Dat hebben veel mannen betreurd, want ze was een knappe verschijning. Zelf zei ze terug te kijken op een fantastisch, heerlijk leven. 
 

Dit In Memoriam is goeddeels gebaseerd op een interview met Maria Snoek van de hand van Cees Koogje (1945-2017), dat verscheen in het Schiedamse maandblad De Binnenkant van februari 2013. Het artikel is voorzien van nadere gegevens.

 

Reacties