College neemt afstand van toonzetting Ouderenpartij

28-04-2020 Nieuws Kor Kegel

Het bijstandsvolume daalt

SCHIEDAM – Burgemeester en wethouders nemen afstand van de suggestieve toonzetting waarmee de Ouderenpartij Schiedam schriftelijke vragen stelde over Stroomopwaarts. 
Gemeenteraadsleden Maarten Reuderink en Pascal van Kraaij hadden begin maart in een onderzoeksrapport van Berenschot lezen dat het personeel klaagt over een eilandjescultuur (als gevolg van de verschillende vestigingen in Schiedam, Vlaardingen en Maassluis. De raadsleden vinden dat de directeur van Strroomopwaarts daarop had moeten sturen. De Ouderenpartij plaatste vraagtekens bij de loonsverhoging die de directeur in 2017 zou hebben gekregen. 

Maar het inkomen van Desiree Curfs valt volgens het college van burgemeester en wethouders binnen de kaders van de Wet normering topinkomens (WNT), ook als daar de vergoedingen voor nevenfuncties bij worden opgeteld. Bovendien is het bestuur van Stroomopwaarts tevreden over haar functioneren. In het bestuur zitten onder anderen de betrokken wethouders van Schiedam, Vlaardingen en Maassluis. De nevenfuncties van Curfs duiden op een uitgebreid netwerk dat juist een positief effect kan hebben voor de gemeenschappelijke regeling.  

Het college neemt stellig afstand van het verwijt van inhaligheid, welke term door Reuderink en Van Kraaij worden gebezigd. Er is volgens het Schiedamse college geen sprake van een toekenning van een individuele salarisverhoging. Bij aanvang van de indiensttreding is een arbeidsmarktoelage voor onbepaalde tijd overeengekomen. Het salaris en de inschaling van de directeur zijn gebaseerd op een externe functiewaardering. Daarna zijn als gevolg van een cao-akkoord de salarissen van alle gemeenteambtenaren verhoogd.

De verantwoordelijke wethouder noch het college gaat over de tijdsbesteding van de directeur buiten werktijd. Nevenfuncties zijn toegestaan en zijn gemeld. De gemeenteraad wordt langs reguliere weg geïnformeerd over de aanstelling van de directeur van een gemeenschappelijke regeling. Het bestuur hiervan gaat over de aanstelling. “Concluderend is er geen aanleiding en geen grondslag om het salaris van de directeur te wijzigen”, antwoordt het college.  

Het college is trots op de resultaten van Stroomopwaarts dat onder lastige omstandigheden is ontstaan uit een samengaan van de sociale diensten en de sociale werkvoorziening van de drie gemeenten. De drie gemeentebesturen beraden zich wat er nodig is voor de doorontwikkeling van Stroomopwaarts.  

De Ouderenpartij had ook vragen gesteld over andere bevindingen van Berenschot, bijvoorbeeld dat er op de afdeling bezwaar en beroep van Stroomopwaarts driemaal zo veel medewerkers zitten als bij vergelijkbare organisaties. Dat heeft volgens B & W niets te maken met het klantcontact. Op de bijzondere bijstand is de laatste jaren bezuinigd, waardoor minder inwoners hiervoor in aanmerking komen. Het aantal bezwaren dat gegrond verklaard wordt, ligt onder de tien procent.  

Dat het aantal mensen in de bijstand in 2016 in Schiedam sneller is gestegen dan in vergelijkbare gemeenten, kan volgens het college ermee te maken hebben dat arbeidsmarktsectoren in deze regio harder geraakt werden dan elders. “Het kan bijvoorbeeld ook te maken hebben met een relatief grote kwetsbaarheid van de onderkant van de arbeidsmarkt in de MVS-gemeenten”, antwoordt het college (MVS staat voor Maassluis, Vlaardingen en Schiedam). “Berenschot stelt vast dat het volume nu sneller omlaag gaat dan elders. Berenschot stelt tevens vast dat de juiste maatregelen worden genomen met het oog op een zo snel mogelijke daling van het bijstandsvolume. Het college wil dat graag zo vasthouden en doorzetten maar begrijpt dat veel ook afhankelijk is van de economische ontwikkeling.”  

De Ouderenpartij wilde ook weten hoeveel mensen met een bijstandsuitkering uitstromen naar korte dienstverbanden, maar volgens het college registreert Stroomopwaarts alleen of iemand uitstroomt, maar niet naar het type dienstverband (vast, flex, hoeveel maanden). Maar uit de cijfers van 1 januari 2018 tot en met 30 juni 2019 blijkt dat 327 Schiedammers uitstroomden naar werk en dat de uitstroom bij 311 duurzaam was, dat wil zeggen langer dan zes maanden uit de uitkering, wat neerkomt op 95 procent.  

Het streven is om een uitkering toe te kennen binnen acht weken, maar soms wordt die termijn overschreden omdat documenten ontbreken die nodig zijn voor de beoordeling van de rechtmatigheid. Als het dan gaat om situaties waarbij er geen inkomen is, wordt een voorschot toegekend in afwachting van de uitkomst.  

Dat Stroomopwaarts te maken kreeg met tekorten op de begroting, komt volgens het college door beleidsveranderingen waardoor aan Stroomopwaarts meer taken werden toegekend. Ook werden er gedurende een periode meer individuele uitkeringen verstrekt dan voorzien was. Maar de uitvoering van het beleid heeft niet tot een begrotingsoverschrijding geleid, aldus het college. “De ontwikkeling van het eigen vermogen van Stroomopwaarts loopt dus in lijn met de begroting en de gestelde business case.”