'Ik word beledigd en gediscrimineerd'

31-08-2020 Nieuws Redactie/Schiedammer Online

Het echtpaar Engering: "Onze AOW en de huurinkomsten uit beide panden waren ons pensioen."


SCHIEDAM - De gemeente Schiedam heeft Theo Engering (74) gedaagd voor een kort geding dat naar zeggen van de voormalige ijzerhandelaar op 24 september aanstaande om elf uur zal dienen bij de rechtbank in Rotterdam. De gemeente wil de winkelpanden van Engering aan de Parkweg slopen om verder te kunnen gaan met de nieuwbouw van woningen. Beide partijen kunnen tot op heden geen overeenstemming bereiken over het door de gemeente te betalen bedrag. De gemeente zegt te hopen er op een minnelijke manier uit te komen met Engering.

"Ik weet nog niet precies wat de eisen zijn, de stukken moet ik nog onder ogen krijgen, maar ik denk dat ze de sleutels willen van mijn twee winkelpanden aan de Parkweg, zodat ze die kunnen laten slopen. En mogelijk willen ze opnieuw een taxatie laten uitvoeren om de schadevergoeding aan mij te bepalen; weet dan dat er al drie van die taxaties zijn geweest en weet dat het laten uitvoeren van zo'n taxatie heel kostbaar is", zo reageert de man die samen met zijn echtgenote (73) van 1964 tot 2007 de ijzerhandel dreef op de hoek van de Nolenslaan en Parkweg. "In die 43 jaar hebben mijn vrouw en ik ruim een miljoen keer een klant mogen helpen. Dat is toch wel iets om trots op te zijn; dan heb je toch wel wat betekend voor de Schiedammers." Zijn vrouw vult aan: "En dan krijg je dit allemaal. We hebben het pand waarin we de winkel dreven in 2007 verhuurd en ook het winkelpand Parkweg 160 dat we er bij hadden gekocht hadden we in de verhuur. Onze AOW en de huurinkomsten uit beide panden waren ons pensioen. Het geld dat we nu zullen krijgen voor de panden, maakt dat niet goed."

Theo Engering: "Nee, want op een spaarrekening is het rentepercentage bijna nul, als je niet oppast moet je zelfs aan de bank betalen om je geld te mogen stallen." Waar hij zich heel kwaad om maakt is dat de kapsalon op Parkweg 102 een schadevergoeding kreeg van naar zeggen van Theo 220.000 euro, terwijl de gemeente begon met hem een schadevergoeding te bieden van 239.000 euro. Afgelopen 2 juli diende er een 'dubbele rechtszaak' in Rotterdam. Bij een daarvan was Engering de eiser; hij vocht de rechtmatigheid aan van het tussentijds ontbinden van de erfpachtovereenkomst door de gemeente. Terwijl bij de rechtszaak waarin de gemeente de eisende partij was, in het geding was dat Theo zijn sleutels moest overhandigen aan de gemeente. In beide rechtszaken kregen de eisende partijen op genoemd vlak niet hun zin. Dat houdt in dat de gemeente de erfpachtovereenkomst mocht opzetten om het belang van woningbouw te dienen.

Engering hoefde echter niet zijn sleutels aan de gemeente te overhandigen. Op verzoek van de rechter probeerden de partijen er in de wandelgangen van de rechtbank onderling financieel uit te komen. De voormalige middenstander was bereid te zakken naar 395.000 euro voor de twee winkels. Volgens hem bood de gemeente in totaal 305.000 euro aan schadevergoeding. "We hebben toen nog een poging gedaan om er minnelijk uit te komen. Ik heb gesteld bereid te zijn 345.000 euro te aanvaarden, met als voorwaarde dat een onafhankelijke deskundige dan achteraf zou kijken of dit bedrag volgens objectieve maatstaven toch nog iets hoger zou uitkomen. Daar wilde de gemeente niet in meegaan", zegt Engering. "Weet ook dat ik van het bedrag dat ik uiteindelijk zal ontvangen, nog de door mij inmiddels betaalde advocatenkosten moet aftrekken. Die zijn inmiddels opgelopen tot ruim vijftigduizend euro."

"Wij hebben de winkels niet aangeboden. De gemeente is de partij die de winkelpanden wil kopen. Maar doordat de erfpacht opgezegd is en alles eromheen gesloopt wordt, heeft de gemeente een machtspositie. Ze spelen dus een spel met ons. Waarom krijgt de mevrouw van de kapsalon zoveel meer? Dat verschil vind ik onverklaarbaar. De gemeente zegt dat er geen sprake is van leeftijdsdicriminatie. Nou, echt wel, ik heb het op schrift staan dat daar wel sprake van is", zegt een geëmotioneerde Theo Engering. "Ik lees je nu voor wat de advocaat van de gemeente geschreven heeft aan mijn advocaat: 'Overigens dient bij beide criteria de leeftijd van uw cliënt in ogenschouw genomen te worden. Die maakt een herbelegging in onroerend goed allerminst vanzelfsprekend' en 'Evenmin is er sprake van een specifieke kennis van uw cliënt op het gebied van onroerend goed op grond waarvan herbelegging in onroerend goed voor de hand zou liggen.' Wat heeft leeftijd in hemelsnaam te maken met al dan niet herbeleggen in onroerend goed, zo vraag ik je. En waarop baseren ze zich dat ik geen verstand zou hebben van onroerend goed; dat is je reinste belediging. Als jonge ondernemer van 22 jaar kocht ik al mijn eerste pand van drie verdiepingen. Ze proberen me met dit soort ongefundeerde opmerkingen onder de grond te schoffelen. Ik word beledigd en gediscrimineerd."

Reactie gemeente

De gemeente reageert als volgt: "In de afgelopen maanden voerden wij gesprekken met de heer Engering over verkoop van zijn winkelunits ten bate van de nieuwbouw aan de Parkweg. Zoals ook bij de eigenaren van de twee andere winkelunits aan de Parkweg, hebben wij de heer Engering een marktconforme prijs geboden voor zijn eigendommen. Deze is vastgesteld door een taxateur. De heer Engering vraagt echter een veel hogere prijs. Partijen zijn het dus niet eens met elkaar en dit heeft geleid tot een gang naar de rechter. In juli heeft de rechter geoordeeld dat de erfpacht door de gemeente rechtsgeldig is opgezegd, maar over de (hoogte van de) schadevergoeding is geen uitspraak gedaan. De rechter acht zich niet bevoegd om in deze procedure een uitspraak te doen over de (hoogte van de) schadevergoeding die de gemeente aan de heer Engering dient te betalen. Wij hopen er op een minnelijke manier uit te komen met de heer Engering. Tegelijkertijd beraden wij ons op juridische vervolgstappen in deze kwestie. Voor de gemeente, en andere partijen, is het belangrijk dat we verder kunnen met de geplande nieuwbouw aan de Parkweg."


Gerelateerd