De plantenschuit

21-05-2017 Nieuws Han van der Horst

Zeker op een rustige zondag ben je voorbij de plantenschuit gelopen voor je er erg in hebt

COLUMN - Schiedam kent van die vaste gegevens. Je weet dat ze er zijn. Ze horen bij het beeld van de stad dat zich in je geheugen heeft vastgezet. Je loopt er gedachtenloos langs. Pas als zo'n vast punt verdwenen is, schrik je op.

Dat is bijvoorbeeld het geval met dat rare versiersel op het Emmaplein, dat een jaar of wat terug, dank zij de goede zorgen van de bewoners, helemaal is opgeknapt. Of dat huis met zijn eivormige voorgevel in Bijdorp. Of de klok van de Koemarkt. En zeker dat hoge havenlicht op het Hooft tegen de Voorhaven aan. In het geheugen van echte geboren en getogen Schiedammers zitten ook nog mensen, dieren en dingen die verdwenen zijn, zoals de ijsboer van de RMI met zijn ene arm, die elke zondag op de Admiraal de Ruyterweg postvatte bij de ingang van het Volkspark. Of was het nou op de hoek van de Arij Prinslaan en de Stadshouderslaan? Ik weet het niet meer. Wel komt mij glashelder het uitdragerijtje voor de geest aan de Lange Kerkstraat op de hoek van de Gedempte Baansloot, met heel erg schuin daar tegenover de stomp van de Oostmolen.

Zo'n vast en vanzelfsprekend element is ook de plantenschuit op de Nieuwe Haven, die haar vaste plek heeft tussen de Oranjebrug en de Burgemeester Knappertlaan. De baas wacht in zijn kajuit op klanten. Een deel van zijn bloemenweelde stalt hij uit op de wal, direct aan de waterkant. Je moet de Schiedammers niet de kost hoeven geven die hun tuin elk jaar opluisteren met gewas uit de plantenboot.

Hij is zo vanzelfsprekend dat je er niet meer op let.

Afgelopen vrijdag moest ik op de Nieuwe Haven wezen en mijn oog viel op de prachtige plantjes die nu weer waren uitgestald. De plantenschuit was terug van weggeweest. Toen ik kind was stonden de sierplanten al op de wallekant, net krek precies hetzelfde als tegenwoordig. “Jullie zijn zeker direct na de oorlog begonnen", zei ik tegen de baas, die ik - bedenk ik nu - moet aanduiden als schuitvoerder. “Sinds 1933“, was het antwoord. “Dan is uw opa er zeker mee begonnen". Dat beaamde de baas. “En waar ligt de schuit in de winter dan?", vroeg ik. “Gewoon hier." Verrek, dacht ik, die schuit ligt gewoon hier en ik dacht altijd dat hij dan weg is. Ik heb er al die jaren gewoon overheen gekeken.

De plantenschuit is ook - zo bleek mij - een uitermate Schiedams bedrijf. Op en top, helemaal. Wie denkt dat de schuit elke lente uit het Westland of zo aan komt varen, heeft het mis.

Het is toch knap om zo van grootvader op zoon op kleinzoon een dergelijk traditioneel bedrijf in leven te houden en dan ook nog met producten waar mensen zoveel plezier van beleven.


Gerelateerd