Boswachter Vlietlanden liet schoonheid van natuur beleven

09-05-2022 Gezond Redactie/Natuurmonumenten

Guus van Oostwaard in een veld koekoeksbloemen


VLAARDINGEN - Met meer dan veertig jaar op de teller neemt boswachter Guus van Oostwaard (66 jaar) afscheid van Natuurmonumenten en van ‘zijn’ Vlietlanden bij Maasland en Vlaardingen. Hij gaat met pensioen.

In de jaren dat Van Oostwaard boswachter is geweest op de Vlietlanden, heeft hij gezorgd voor de dieren, bloemen, vogels en insecten. Eigenhandig maakte hij dat zo veel mogelijk soorten een plekje kregen op de hooilandjes. Maar één dier heeft toch wel een speciaal plekje in zijn hart: de noordse woelmuis.

Middenin een van de drukst bevolkte gebieden van Nederland - tussen Rotterdam, Delft en Den Haag - werkt boswachter Guus van Oostwaard aan het behoud van een uniek stuk natuur. Vertrouwd is dan ook het beeld van boswachter Guus op zijn werkboot, samen met vrijwilligers varend over de Vlietlanden naar de volgende klus. Je kunt het je bijna niet voorstellen, maar de boswachter heeft ruim vier decennia op de Vlietlanden gewerkt. Hij kent dit natuurgebied dan ook op zijn duimpje. "Hoewel ik hier vele jaren heb doorgebracht en de seizoenen na ruim veertig cycli goed ken, is het elk jaar weer een feest wanneer de bloemen beginnen te bloeien en de kleurrijke vlinders en zoemende bijen tevoorschijn komen. De natuur verveelt geen moment. Het werken in de natuur, dat ga ik wel missen hoor!''

Boswachtersdroom

De fascinatie voor natuur is Van Oostwaard met de paplepel ingegoten. Al van kleins af aan wist hij dat hij boswachter wilde worden. In zijn jonge jaren was hij altijd buiten, in de natuur te vinden. Hij groeide op aan de rand van de polder. In de sloten viste hij naar waterkevers, kikkervisjes en stekelbaarsjes, die hij in een glazen pot van dichtbij kon bekijken. De boer hielp hij graag met het ophalen van de koeien in de wei. Met andere kinderen maakte hij vlotten en sprong hij slootje. Zijn moeder leerde hem bloemen drogen en een herbarium maken. Van zijn vader heeft hij het besef meegekregen dat een wereld zonder vogels een doodse wereld zou zijn. "Hij heeft mij naar de vogels leren kijken'', vertelt de boswachter. 

Hulp op de Vlietlanden

Eind zeventiger-jaren kwam Guus van Oostwaard – na een natuurstudie in Velp – terecht op de Vlietlanden. "Hier was een oude opzichter die bijna met pensioen ging. Als jonge knecht hielp ik hem zes maanden per jaar: tijdens het zware hooiwerk in de drukke zomermaanden.'' Dat gebeurde met een houten hooihark, de rijf. Hooi werd bij elkaar geharkt en in de brand gestoken. "Dat was toen nog toegestaan. Ook was er toentertijd veel meer riet op de Vlietlanden, dat werd eeuwenlang gebruikt als dakbedekking. Er waren ook nog twee hooiboeren actief op de Vlietlanden. Hen hielp ik ook, dit hooi werd opgehaald en als wintervoer voor de koeien gebruikt.''

Middeleeuwen

Voor wie de Vlietlanden niet zo goed kent als boswachter Guus: het is hier niet meer veranderd sinds de Middeleeuwen. "Het gebied is nooit ingepolderd en is zo een van de weinige overgebleven dotterbloemhooilandvegetaties op vlietveen ter wereld. Vlietveen is een bijzondere originele vorm van laagveen, nooit vergraven, ingepolderd of anderszins veranderd. Hierdoor ligt het ook twee meter hoger dan omliggende polders en bestaat uit uitgestrekte, stille rietlanden en natte graslanden.'' Bijzondere natuur middenin de Randstad.

De hooilandjes van de Vlietlanden zijn alleen over het water te bereiken en ook al het werk ging dus... over het water! "We verplaatsen ons per boot. De oude opzichter leerde mij alles over de boten en het materiaal. Ik kon steeds meer alleen doen, tot het moment kwam dat de opzichter op de luchtfoto aanwees welk perceel ik moest maaien. Met de zeis en eenassige maaimachine ging ik dan op pad”, blikt boswachter Van Oostwaard terug op zijn beginjaren.

'Ik wil de horizon zien'

Inmiddels naderde het pensioen van de opzichter van de Vlietlanden. "Ik wilde natuurbeschermer en boswachter worden. Uiteindelijk ben ik dan niet gaan werken in het bos, maar in een moerasgebied. Overigens heb ik wel in bossen gewerkt, maar dat vond ik veel te benauwd. Ik wil de horizon zien!'' Op de Vlietlanden heeft boswachter Guus zich sterk gemaakt voor het behoud en de bescherming van het gebied. "We hebben aan oeverbescherming gedaan en zo het grootste probleem – de afkalving – weten te stoppen. Het maaien en hooien heeft gezorgd voor een enorme bloemenrijkdom op de hooilandjes. Helaas heb ik wel meegemaakt dat de vogels en insecten enorm achteruit zijn gegaan. Dit is een landelijk en zelfs wereldwijd probleem en ook iets waar ik mij grote zorgen over maak.''

Om mensen te betrekken bij zijn werk en het belang van de bescherming van de natuur kenbaar te maken, heeft de boswachter naast het dagelijkse beheerwerk ook veel excursies gegeven. Vooral in het voorjaar, wanneer de hooilandjes roze, wit en geel kleuren van de echte koekoeksbloem, veenpluis en dotterbloemen. "Ik heb de mensen de schoonheid van de natuur laten beleven en ervaren. Zo ontstaat er meer draagvlak en steun voor de natuur. En dat is zo belangrijk! Zeker met het oog op de achteruitgang van de biodiversiteit!''

Noordse woelmuis 

Er heeft één diersoort wel een speciaal plekje veroverd in het hart van boswachter Van Oostwaard, en dat is de noordse woelmuis. In Nederland zit een populatie die tijdens de laatste ijstijd (10.000 jaar geleden) hier geïsoleerd is geraakt. Hierdoor heeft deze muis zich net iets anders ontwikkeld dan zijn soortgenoten elders. Daardoor is er in Nederland een endemische ondersoort ontstaan die uniek is in de wereld. "In mijn ogen is de noordse woelmuis hetzelfde als de Vlietlanden. Door de eeuwen heen zijn de hooilandjes als eilanden in de vlieten in stand gebleven. De wereld eromheen is continu veranderd en in beweging geweest, met alle moderniteiten die hierbij horen. De skyline van Rotterdam, de skyline van Den Haag, de skyline van Delft en de skyline van Europoort hebben het landschap veranderd. De Vlietlanden zijn als eeuwenoud restant uit de Middeleeuwen nooit veranderd. De noordse woelmuis leeft ook op die eilanden. En heeft stand weten te houden tegen alles wat tegen hem is, zoals zijn concurrent de veldmuis die niet van natte gebieden houdt.''

Maaien/hooien

Op die natte hooilandjes van de Vlietlanden is het ieder jaar rond mei weer een kleurenfeest van jewelste. Brede orchis, echte koekoeksbloem, ratelaar en veenpluis. Dankzij boswachter Van Oostwaard en de vrijwilligers staan de hooilandjes elk jaar weer uitbundig te bloeien. Hoe ze dit voor elkaar krijgen? Ieder jaar wordt het gras gemaaid en als hooi afgevoerd. Zo blijft de grond van het gebied voedselarm, waar de zeldzame bloemen juist van houden. Boswachter Guus vertelt enthousiast: "Soms bloeit de echte koekoeksbloem zo massaal en dicht op elkaar dat een hooiland totaal roze gekleurd wordt.'' De bloeiende bloemen zijn niet alleen prachtig, ze zijn van groot belang voor het natuurgebied waar boswachter Guus van Oostwaard al zijn hele leven aan werkt. "De bloemen zorgen er voor dat er veel bijen, kevertjes, vlinders en andere insecten op af komen. De insecten zijn het enige voedsel voor de kuikens van de grutto en andere weidevogels in hun eerste levensweken.''

Samen met vrijwilligers

Het beheer aan de Vlietlanden heeft Van Oostwaard niet alleen hoeven doen. Samen met twee vrijwilligersgroepen zorgde hij jarenlang voor dit unieke stukje natuur. "Sommige vrijwilligers werken hier al meer dan twintig jaar. Je bouwt met iedereen een bijzondere band op, ik ga ze wel missen.'' Ook het regelmatig lekker naar buiten gaan met de vrijwilligers en klusjes doen, gaat de boswachter missen. "Het zorgen voor het natuurgebied. Het is eigenlijk een grote tuin, we doen zo ontzettend veel handwerk. Ik kom nog wel regelmatig kijken!''

Zijn nieuwe collega wil Van Oostwaard nog goed op weg helpen. "Het is nu nog een open einde. Ik weet nog niet wie mijn opvolger wordt, maar ik leef graag naar de oude Bijbelse wijsheid dat je iets doet voor de ander dat je zelf ook graag zou willen. Ik sta dus zeker nog klaar om de ander wegwijs te maken. Dat geeft mij ook weer een gerust hart. Want ik hoop natuurlijk dat mijn opvolger zorgdraagt voor de noordse woelmuis en veilige plekken creëert voor dit diertje tegen roofdieren.''



Gerelateerd