» 23 september 2017

Onderzoek verkeerkundige: ontsluiting sportpark A4 ondeugdelijk

Ted Konings | 13-04-2016

SCHIEDAM - Verkeerskundige Peter Veenbrink vindt het plan van de gemeente Schiedam voor de ontsluiting van Sportpark A4 'niet deugdelijk'. Deze kan voor de bewoners tot overlast leiden.

De kritiek van Veenbrink, werkzaam voor het bureau SOAB en aan het werk gezet door de samenwerkende bewonersgroepen in Woudhoek, is tamelijk onthutsend. Het sportdak wordt ontsloten voor fietsers door middel van korte paden die eindigen in woongebied. Zodat de fietsers daar alsnog door smalle en drukke straatjes heen moeten, geheel in tegenspraak met het gemeentelijk fietsbeleid. Verder wordt er volgens hem gerekend met te krappe normen voor wat betreft het benodigde aantal parkeerplaatsen. Daardoor zal er in de wijk grenzend aan het sportdak een grote parkeerdruk ontstaan.

Andere punten van kritiek zijn de gevaarlijke bocht die fietsers vanuit Vlaardingen in de bestaande plannen moeten maken om op de Zoomweg uit te komen en de bereikbaarheid voor hulpdiensten in geval van calamiteiten.

Een belangrijk punt van onenigheid tussen het gemeentebestuur en de omwonenden, is het Leerlooierpad. Daar moet een fietsontsluiting komen, die op veel kritiek kan rekenen. “Vanwege het openbare karakter van het sportpak zijn er voetgangersverbindingen vanuit de Woudhoek”, aldus Veenbrink, die zijn bevindingen vanavond op een drukbezochte bewonersavond in De Brug presenteerde. Als die voetpaden er zijn, is het logisch om ook fietsverbindingen aan te leggen, aldus Veenbrink. “Anders zouden de (brom)fietsers via de voetpaden gaan rijden.” Maar de manier waarop Schiedam die fietsverbinding wil realiseren, is gebrekkig. “Die sluit niet aan op het fietsroutenetwerk. In het gemeentelijk verkeers- en vervoersplan heeft Schiedam als doel opgenomen dat ontbrekende fietsschakels worden aangelegd. Maar op het Leerlooierpad eindigt het fietspad direct na de doorsteek door de groenstrook.” Dit kan niet anders dan leiden tot fietsers en brommers die door de wijk hun weg gaan zoeken. Het is maar zeer de vraag of daar een goede en veilige fietsverbinding te maken is. “De Hovenierstraat en Warmoezenierstraat zijn smal en als woonerf ingericht. Daar is fysiek nauwelijks meer iets te realiseren. Bovendien is het zicht op de kruising beperkt door hoge hagen.”

Ook de manier waarop langs het sportdak een zuid-noordroute wordt aangelegd, kan op kritiek van de omwonenden rekenen. Veenbrink geeft hen hierin gelijk. De bewoners willen de route aan de westelijke kant van een waterloop, de gemeente aan de oostelijke kant, zeg maar langs de Ambachtenbuurt. Volgens het rapport gebruikt de gemeente hiervoor drie argumenten: de hoge kosten van bodemsanering die nodig zou zijn voor een westelijke ontsluiting, het hekwerk dat nodig is tussen het fietspad daar en het sportpark en de extra dam met duiker die kostenverhogend werkt. Veenbrink kan die argumenten, ondanks alle informatie die SOAB via een beroep op de Wet Openbaarheid van Bestuur kon opvragen, niet onderschrijven. Want de grond ter plaatse is al voorzien van een leeflaag - en lag hier vroeger ook het fietspad niet, dus wat valt er te saneren? Een hekwerk strookt niet met het voornemen het park zoveel als mogelijk openbaar toegankelijk te houden en over welke dam en duiker hebben we het - die ten noorden, ter hoogte van de Munterstraat, ligt er al, aldus verkeerskundige Veenbrink.

Daarentegen heeft een westelijk pad zoals de omwonenden willen, als voordeel dat het verder van woningen af ligt, dus voor minder overlast zorgt. “Bromfietsers rijden er dan ook niet langs een tafeltennistafel, een speelveldje en een speeltuin.”

De doorsteek van het sportdak naar de Munterstraat, die pas tamelijk recent in de gemeentelijke plannen is opgenomen, kan evenmin op de steun van SOAB rekenen. Veenbrink snapt niet welke Schiedammers met zo'n weg gediend zijn. “Het Leerlooierpad wordt de plek om van het sportpark af te gaan. Niemand rijdt verder naar boven, naar het noorden, om verder de wijk in te gaan.” De derde ontsluiting van het sportpark is daarmee wat Veenbrink betreft onnodig. “De toegevoegde waarde daarvan zien we totaal niet.”

Voor wat betreft het parkeren schieten de bestaande plannen eveneens tekort, aldus Veenbrink. Volgens de berekeningen zijn er 305 plaatsen nodig voor de gebruikers van het sportdak. “Maar dat zal een lel van een parkeerprobleem geven.” Ooit waren er 450 plaatsen voorzien, voordat Vlaardingen dwars ging liggen.

Belangrijkste punt van kritiek van de verkeerskundige is dat de gemeentelijk plannenmakers rekenen op basis van theoretische modellen en cijfers. Maar die kunnen zeer bezijden de realiteit liggen. Veenbrink gaf enkele voorbeelden: “Voor twee handbalvelden - met dus 28 spelers, en ouders, en bezoekers - wordt gerekend met vijf parkeerplaatsen.”

“De gemeente middelt de parkeernormen die uitgaan van dertien tot 27 parkeerplaatsen per hectare.” Het is volgens de man van SOAB in Breda, netjes dat Schiedam zodoende uitkomt op een getal van twintig plaatsen per hectare. Maar de cijferaars vergeten volgens hem dat zij rekenen met een wel heel krap bruto oppervlak. “Alleen het pure speelveld wordt meegeteld, alles daarbuiten voor toeschouwers of leefgebied niet.” Ook wordt er geen rekening gehouden met groei van het autoverkeer door de jaren en mogelijkheden om het sportpark uit te breiden. “Nu al wordt de atletiekbaan die er komt, niet meegerekend.” Veenbrink geeft een ander voorbeeld: “Er liggen op het tenniscentrum twaalf buitenbanen.” Die zouden conform vastgesteld beleid dertien parkeerplaatsen moeten hebben. “Maar er liggen er nu 42.” De theoretische normen komen dus tot aantallen die 'volstrekt onvoldoende' zijn. “De gemeente zou de parkeernormen nog eens goed tegen het licht moeten houden.”

Op verzoek van SOAB hielden bewoners van het De la Marplein gedurende enkele dagen het gebruik van de parkeerplaatsen op hun plein bij. Daaruit blijkt dat het nu al meerdere momenten in de week voor negentig procent bezet is. De verwachting is dat deze hoge 'bewonersparkeerdruk' zich uitbreidt in de gebieden rond de Heelmeesterstraat en het Leerlooierpad, bij de huidige plannen.

Op een ander punt concludeert de verkeerskundige dat de gemeentelijke aanpak wel te prefereren is boven het voorstel van de omwonenden. Dat betreft de manier waarop de fietsers vanaf het Bachplein via de Zoomweg naar het sportdak komen. De gemeente wil hen ten noorden van de Brederoweg laten rijden, de bewoners stellen een zuidelijke route voor. Veenbrink ontraadt die laatste optie, omdat deze langer en minder veilig is. “Fietsers gaan zelf een route creëren als de voorgestelde route niet de kortste is.” Kritisch punt is daar wel de bocht die dalend, dus snel fietsverkeer vanuit Vlaardingen moet maken om naar de Zoomweg te komen. Die U-bocht heeft volgens Veenbrink aan de binnenzijde een doorsnede van één meter. Ook het voetpad zoals dat daarnaast voorzien is kan rekenen op zijn kritiek: “Te smal voor scootmobiel of kinderwagen.” Ook het voetpad zoals dat langs de Zoomweg is voorzien, is volgens hem 'gek smal'.

Zie ook: 'Omwonenden willen nieuw plan ontsluiting sportdak'




« Terug